Beeld week 31: Heksenkruid

Massaal maar onopvallend bloeit heksenkruid, in (half)duistere bosranden,
in grote “familie”groepen uit de wortelstokken van één ouderplant.
Hier moeten ze hun bladgroen breed uitspreiden om genoeg licht te vangen,
maar zulke dunne schaduwbladeren verleppen snel in de volle zon.

Uit die kleine bloemetjes kunnen alleen zulke kleine lichte zweefvliegjes
wat te eten halen; voor hommeltjes wordt het al snel bungeejumpen …

Al gauw hangen de bloeistengels vol hakerige vruchtjes,
klaar om af te haken, naar andere nieuwe (half)schaduwplekken.

Naam: als je heksenkruid ziet laten heksen je verdwalen..
Foto’s uit A’damse Bos en diverse A’damse stadsparken.

Week 30: Insluipers in bijenhotel

Nee, deze knotswespjes zijn niet de eigenaren van deze nestgangen.
Ze legt haar ei in het goed met stuifmeel gevulde nest van een tronkenbijtje,
er is nog wat blijven plakken aan haar achterwerk …

Sluipwespen hebben een heel geavanceerd apparaat voor hun inbraak:
een ragdunne maar sterke én soepele legboor waarmee ze door (dood) hout
of een nestafsluiting kan boren, om diep in het ‘gast’nest haar ei te leggen.
Parasiteren vraagt wel vakvrouwschap!

Wat een worsteling: op de tast je naar het nest boren en dan nog een eitje door die dunne legboor persen ..

Zij speurt/ruikt steeds langs alle nestgangen, naar nieuwe kansen. 
En na gedane zaken poetst ze haar legboor en duwt/vouwt hem terug in de schede

Google op sluipwesp + legboor of eileg voor meer video’s over tasten/ruiken en boren.

Beeld week 29: Bijenhotel bewoond

Een “hotel” met voorgeboorde gangen ipv. zelf in dood hout moeten zoeken
naar oude (kever)gangen: wel luxe, als ze aan hun wensen/eisen voldoen!  
Rosse metselbijen (boven) in de grotere, dichtgemetseld met wat modder,
tronkenbijtjes (onder) sluiten hun gangetjes af met boomhars en wat zand.
Maar eerst paren, en genoeg voedsel binnenbrengen voor het broed.

Stuifmeel voor haar jongen veegt ze in haar lange buikharen (buikschuier),
precies over de ring van al open/bloeiende buisbloempjes van margrieten ea.:

Dan achteruit haar gang in om de buikschuier te legen: rijk voer voor haar broed.
En weer goed afsluiten: tegen stelende of parasiterende (sluip)wespen en -bijen!

Beeld week 28: Brandnetels bloeien

Onopvallend maar uitbundig bloeien ze, ieder aan hun eigen planten:
de mannetjes (meeldraadbloemen) en de vrouwtjes (met grijsharige stempels).
De meeldraadjes schieten hun stuifmeel omhoog, in de wind
om mee te reizen naar een vrouwelijke plant. 
Maar zonder wind bepoeder je alleen je eigen bladeren wittig melig …

Kleine kevertjes speuren steeds naar rijp, voedzaam stuifmeel, en partners!
De brandnetelprachtwants (rechts) zuigt sappen, liefst uit brandnetels.