Beeld week 24: Sigarenmakertjes

Die bladrolkevertjes zijn weer druk met blad’huisjes’ bouwen:
een blad snijden volgens het juiste patroon, tot aan de hoofdnerf,
en dan moet ze die flappen netjes zien op te rollen tot een ‘sigaartje’
waarin ze, na haar paring, eitjes kan leggen, 2 à 3 per bladrolletje.

Zijn Amerikaanse eiken niet een maatje te groot voor zo’n klein snuitkevertje: 
zulke grote slappe bladflappen op moeten rollen tot geschikte ei-kamers …
Maar ze hebben er vertrouwen in, gezien het grote aantal rommelige rollen.

Knap werk deze sigaartjes in els en hazelaar: die ogen degelijk en veilig!

Berkenbladrollers/-sigarenmakers leven ook op els, hazelaar, beuk, eiken ea.

Beeld week 23: Meikevers op date

Zijn ze toch weer terug van – al jaren – bijna weggeweest/bestreden?!
Nu hun ‘neus’ achterna = uitvouwsprieten: op de geur af naar een datingplek.
Daar wordt eerst druk ontmoet, afgetast, gekeurd, en bij een match 
volgt het passen-en-meten. Maar als er goed is aangekoppeld 
is het rustig blijven hangen, mannetje onder, tot alles klaar is. 

Een ontmoeting gevolgd: aftasten, keuren en dan “toch maar niet …”
(tussen 2 mannetjes: met grotere antennen/uitvouwsprieten dan vrouwtjes). Klik hier om onderstaand filmpje te bekijken.

Dan graaft zij zich in om haar eitjes te leggen, bij plantenwortels als larvenvoer.

Beeld week 22: Rupsjes in knoppen

Al zoveel rupsenvraat in net uitgelopen, nog lentegroene bladeren?!
Wintervlinders doen hun naam eer aan: ze vliegen en paren in de winter
en leggen hun eitjes in bladknoppen.
Zo zijn de wintervlinderrupsjes als eersten bij hun sappige, kersverse voer.

Ze zijn ook als eersten beschikbaar als jonge-vogeltjesvoer: de rupsenpiek!
Als schuilplaats trekken ze met spinsel een plooi, een holletje,
of ze ‘plakken’ 2 bladeren als vloer en dak tot een huisje.

Hierboven de rupsen van de kleine wintervlinder,
klik hier voor rupsen van de grote wintervlinder.  

Beeld week 21: Pinksterbloemen

Ze hadden ook best Paasbloemen kunnen heten, maar nu met Pinksteren
bloeien ze uitbundig: als ze terecht zijn gekomen in
een goed vochtig (niet bemest) grasland, of een mooie drassige waterkant.

Terwijl de jongste bloemen nog in hun knop groeien 
rijpen langs de stengel de vruchten al lang en smal uit de oude bloemen.