Als bijna laatste boom bloeien nu ook alle linden: niet met kleurige, licht reflecterende of blauw/paars lokkende bloemblaadjes, maar ze zetten vol in op een uitnodigende geur: “hier nectar, en stuifmeel!!”
Hommels en bijen reageren meteen en laten de bloemen zoemen! Ook de ‘voorraadtassen’ heeft ze gevuld, met 2 klompjes linde-stuifmeel, vastgehaakt achter de kammetjes aan haar achterpoten.
Als de bloemen uitbloeien vallen alle meeldraden (en kelkblaadjes) af en groeien alleen de vruchtbeginsels uit, hangend aan de ‘vleugel’ die straks hun rijpe zaden wegzweeft, zo ver mogelijk ..
In het vroege voorjaar bloeien meest die glanzende witte en gele bloemen die licht (en warmte) reflecteren om insecten te lokken: hier nectar!! Als de dagen langer (en warmer) zijn bloeien meer paarse en blauwe bloemen, kleuren die bijen, hommels en vlinders goed kunnen zien: ze lokken naar ‘diepe’ bloemen, waar alleen langtongige beestjes bij de nectar kunnen (en met slimme constructies om die dan ook stuifmeel te laten vervoeren ..)
Hoe diep moet die hommel gaan voor de nectar, bovenin die harige kelk! Maar kijk, een gat in zo’n (uitgebloeide) kelk: inbraak door een beestje dat niet buitengesloten wilde worden …?!
Ook slangenwortel bloeit nu, met veel blauwe bloemen, wel diep maar niet smal: rechts is de hommel er helemaal ingekropen, naar de ‘voorraadkast’. Maar deze vlinder hoeft er niet in te duiken, met zo’n lange oprolbare tong!
In grassige bermen staat vaak knoopkruid, met hoog op zijn stengels hoofdjes met veel smalle (en diepe) paarse buisbloempjes, en een rand van lange, wijduitstaande lokbloemen (zonder nectar of stuifmeel): kom hier eten!! De hommels weten waar je de nectar wel haalt: in het midden.
De planten: dagkoekoeksbloem, slangenwortel, knoopkruid. Beestjes: aardhommel 3x, vlindertje: gamma-uil, akkerhommel, 2 grote koekoekshommels, steenhommel.
Zoveel orchideeën, zomaar naast het fietspad, in het Amsterdamse Bos?! Niet zeldzaam omdat ze maar moeizaam groeien en bloeien, maar door verdwijnen van de natte voedselarme bodems waarop zij zijn gespecialiseerd! Waar hier het (regen)water uit de Heuvel kwelt winnen zij het ruim van alle ‘bramen en brandnetels’ die juist profiteren van (te..)veel stikstof.
Tussen zoveel ratelaars, ook die zijn specialisten op natte stikstofarme grond: zij tappen extra ‘mest’stoffen af uit graswortels (en houden zo de grassen kort) terwijl orchideeën hulp krijgen van ‘hun’ bodemschimmels.
In hun diepe bloemen gaat de akkerhommel door de ‘voordeur’ naar binnen, maar zie ik daar (rechts onderin) maar liefst 3 inbraakgaatjes gebeten?! In die grote kelken groeien de zaden rijp en droog, tot de wind ze eruit ratelt.
Soorten: rietorchis, ratelaar, (langtongige) akkerhommel Klik hier voor de inbraak van vorige week
Zoveel trossen met lange hangende bloempjes, met hun nectar zo diep bovenin hun bloem, dat die grote akkerhommels stevig vast moeten hangen om daar met hun LANGE tong bij te kunnen … En ‘en passant’ brengen ze zo stuifmeel van bloem naar bloem.
Maar deze aardhommel gaat niet via de hoofdingang naar binnen: hun kortere tong haalt de nectar bovenin niet, zij bijten daar een gaatje heen … Die rechtsonder is op heterdaad betrapt bij zo’n inbraak, zonder tegenprestatie: zo ben je geen postiljon d’amour/stuifmeel!
Ook deze honingbij zoekt daar niet naar een hoofdingang maar …
De soorten: vogelwikke, bonte wikke Akkerhommel, aardhommel, honingbij
Terwijl (bemeste) weilanden al overal gemaaid en kaal worden bloeien de (niet bemeste) bloemrijke hooilanden en bermen volop verder: naast boterbloemen, margrieten, fluitekruid en (veel!) bloeiende grassen kleurt (veld)zuring de graslanden massaal oranjerood.
Een oranjerode waas van doorschijnende zuringbloempjes en -vruchtjes die vurig opgloeien in laag zonlicht. En daaronder: genoeg beestjes en dekking nog voor jonge weidevogels!