Beeld week 21: Boterbloemen stralen

Nu de paardenbloemengolf voorbij is en hun laatste pluis nog verwaait
zijn ook boterbloemen begonnen aan hun massale voorjaarsbloei: 
nu allemaal tegelijk, en later in het jaar weer gespreider verder bloeien.

Zoveel glanzend witte en gele bloemen in het voorjaar: die reflecteren licht wat als een schijnwerper
beestjes treft: hier stuifmeel en nectar ‘te koop’, tegen ‘betaling’ van bestuiving svp! 
En in de kommetjes van boterbloemen bundelt die energie tot een opwarming
van 2 à 3 graden: heel welkom voor vroege beestjes op nog koele dagen!

Deze beestjes gespot op een frisse dag (13 graden): te koud om te vliegen 
zonder zon om genoeg op te warmen (tot zeker 15 graden), 
maar met wat boterbloemwarmte toch?!  Ook die kleintjes?

En zoekt dit spinnetje warmte, of licht- en warmtezoekende beestjes?

Ook witte bloemen kunnen zo ‘stralen’, blauwe en paarse bloemen niet:
die komen later in bloei, als de dagen al warmer zijn.
De soorten: een bladwesp (+ een bladvlo), een bollenzweefvlieg, een bloemvlieg, 
slanke driehoekszweefvlieg, een dansmugje (Rhamphomia), ?vliegje, een renspin

Beeld week 20: Drijvende algen

Na zoveel zonnige voorjaarsdagen is slootwater zo opgewarmd dat
algen snel kunnen groeien: de groene draad-algen verstrengelden zich tot ‘matjes’
die gaan drijven op de zuurstof die ze overdag zelf maken (fotosynthese)
en op bellen moerasgas uit de slootbodem.

Zo ontstaat een patchwork van groene flappen en andere plantenresten die
tegen elkaar op drijven en rimpelen, tot een bonte lappendeken over de sloot.

Maar helaas, die uitbundige groene algengroei is geen goed teken:
zo veel stikstof, uit de lucht? Of van (over..)bemesting van de weilanden?

Drijfkracht in beeld, aan het eind van een warme zonnige dag:
de grote bellen van moerasgas vanaf de slootbodem en
de kleine van zoveel geproduceerde zuurstof die nog niet kon ontsnappen.

Dit heet ook wel flap (of flab: floating algae beds)

Beeld week 19: Vroege rupsjes!

Al zoveel rupsenvraat in net uitgelopen, nog lentegroene bladeren?!
Wintervlinders doen hun naam eer aan: ze vliegen en paren in de winter
en leggen hun eitjes in de bladknoppen, straks voer voor hun rupsjes.

Bij zo’n ‘ketting’ van vraatgaatjes zijn ze zelfs al in de knop
begonnen te eten, nog vóór het uitvouwen van de blaadjes.

Wintervlinderrupsjes groeien als kool op die sappige, kersverse bladeren. 
Zo zijn ze ook als eersten beschikbaar als jonge-vogeltjesvoer: de rupsenpiek!
Als schuilplaats trekken ze met spinsel een plooi, een holletje,
of ze ‘plakken’ 2 bladeren als vloer en dak tot een huisje.

Dan moeten vogels wel wat zoeken, maar mezen-ouders lukt dat goed …!

Beeld week 18: Beuk in blad en bloei

Nu de beuken hun knoppen uit laten lopen groeien daar ook hun ‘bloemen’ uit: 
talloze stuifmeelkatjes (de ‘mannetjes’) die lang uithangen en stuiven.

Die warrige pruikjes zijn de vrouwtjes: met 2 stampers voor 2 beukennootjes,
veilig binnen die pruik die uitgroeit tot zo’n stevige beschermende bolster.

Terwijl de bladeren nog uitgroeien vallen de stuifmeelkatjes
met hun dunne zachtharige steeltjes alweer massaal af, 
tussen alle gevallen knopschubben: opdracht volbracht.

Beeld week 17: Bijen metselen nesten

Zo’n metselbij is druk met nestgangen zoeken: breed en diep genoeg,
schoonmaken en oplappen, daarin kamers metselen van modder, 
en die kamer voor kamer vullen met stuifmeel: genoeg voor een ei -> larve
tot die als volwassen metselbij zijn cel openbreekt.

De prefab-woningen in dit bijenhotel worden goed benut: een aantal gangen
is al (of nog?) dichtgemetseld, en zie hieronder hoe 3 bijen in hun gang werken: 
hoe kan ze daarin bouwen, keren, én haar vleugels heel houden?!

Wat een drukte op dit (nieuwe) bijenhotel: ik zie maar 2 bijen die
gangen inspecteren (ruikend met hun sprieten), en de (iets kleinere) anderen
vliegen druk rond of wachten af: de mannetjes op jacht naar een vrouwtje?!

Metselbijen kunnen ook bouwen in zandwanden: in dit (prefab) zandgat
kunnen we niet achterin kijken, maar (rechts) kijkt ze vanuit haar
smaller gemetselde uitgang of de kust veilig is voor weer buitenwerk: meer modder en/of stuifmeel verzamelen, tot alles af is, en de deur dichtgemetseld!

Wat moet deze muurwesp bij/in bijenhotelgangen: bijen of larven vangen?
Nee, ook zij metselt er cellen van klei, maar vult die niet met stuifmeel
maar, zoals het wespen betaamt, geeft ze haar larven vlees (rupsen) te eten.

De soorten: rosse metselbij, vroege muurwesp