
Riet en andere planten zijn nu hoog en dicht opgeschoten, maar daarlangs
kan haagwinde zich soepel omhoog slingeren: uit hun schaduw naar het licht.


Als je aan de top zit moet je een sprong durven wagen, naar nieuw houvast …
Of je draait door, om jezelf heen, tot een stevig doorgroeiende kabel,
tot alles is overwoekerd met een groene deken van winde-bladeren.


En dan is het tijd om te bloeien: die grote wit-stralende ‘pispotjes’ die
wel diep zijn, maar waar ook kleine beestjes onderin bij de nectar kunnen.

